Waarschuwing: niet voor gevoelige lezers.
Des middags verwijderen we ons een beetje van de werkplek. In Frankrijk duurt de middagpauze traditioneel 2 uur en daar wordt niet aan geraakt. Wij hebben 'geluk', onze pauze duurt maar anderhalf uur. Voor een Belg is dat ontiegelijk lang, zo'n middagpauze. Wat doe je dan? We eten onze boterhammen op en dan blijft er nog een uur en een kwartier pauze over. Fransen gaan naar huis, eten een uitgebreid driegangenmenu, doen van siësta en keren dan terug naar het werk. Desnoods 15 km rijden.
Bij Le Boat werken wat mensen die tamelijk ver wonen en niet heen en terug geraken op anderhalf uur. Die eten 's middags in de eetzaal (beeld je de meest onhygiënische en ongezellige plek waar je kunt eten in, het is nog erger) en hangen dan nog een dik uur rond in de werkplaats. Wij zouden na een half uur al lang weer aan het werk gaan wegens strontvervelend. Niet de Fransen. Pauze is pauze. Punt.
We zonderen ons af, met onze stoeltjes en tafeltje, naar een picnicplaats. Meestal in de buurt van het Meer van Jouarres, maar sedert de hittegolf verstoppen we ons onder de platanen in de buurt van de sluis van Ognon. Daar zien we dan vanaf 13u boten aan en af varen. Van ons en andere maatschappijen.
Een boot van Nicols, de concurrentie uit Le Somail, die de afgelopen 24u in Homps had doorgebracht en bevolkt wordt door een Brits koppel dat zich puffend en steunend doorheen de dag bewoog vaart voorbij. Nu ja, bewoog... Van een stoeltje onder een boom 3 meter verder naar de boot en terug. Dat het toch wel warm was.
Tijdens onze demo's hameren we er op dat mensen moeten uitkijken als ze onder een brug door varen, dat de kapitein altijd iedereen moet waarschuwen. Sommige bruggen zijn zo laag dat je er zelfs zittend bijna niet onderdoor kunt. En dan nog gebeuren er soms ongelukken.
Porte de garde du demi ognon
De
porte de garde du demi ognon is blijkbaar iets speciaals. Een enkele sluisdeur, dus geen sluis, met een voetgangersbruggetje erover. Dat bootje vaart voorbij, ik zie de mijnheer aan het roer onder de brug navigeren en - zoals het hoort - zich een beetje bukken. Dat brugje is amper 50 cm hoger dan de boot. Zijn vrouw, die achter hem staat, met haar rug naar de brug toe, ziet niet dat de brug haar gaat bespringen en knalt er keihard met haar hoofd tegenaan. Omdat dat nog niet erg genoeg is van zijn eigen, dondert ze de trap naar het achterdek af. Ik spring recht en spurt de boot achterna. De mevrouw is alweer rechtgekrabbeld en bloedt uit al haar voorhoofden. Wie ooit een hoofdwonde heeft mogen aanschouwen weet dat we over een rode fontein praten. Haar knieën zijn bont een blauw, overal bloed op de boot, the works.
Een zittend persoon moet zich bukken om onder dat bruggetje door te varen op dit type boot
Ik ben ondertussen al een ambulance aan het bellen. Iets wat veel te lang moet duren overigens: 7 minuten en 6 seconden(!). Zij is gelukkig bij bewustzijn gebleven, de man probeert aan te meren, ik help terwijl ik aan de lijn blijf hangen, zij begint zowaar het bloed van de boot te vegen en protesteert dat er een ambulance gebeld wordt. Dat is toch helemaal voor niets nodig en dat ze helemaal niet naar het ziekenhuis wil. Een andere boot stopt ook, met iemand die iets van EHBO kent aan boord. Kunnen we van een geluk bij een ongeluk spreken? De mevrouw blijft protesteren, haar mijnheer staat er op te kijken als een hond op een zieke koe. Anderen doen al het werk voor hem. Hij beseft wellicht dat hij zwaar in de fout is gegaan.
Ik vraag mijnheer EHBO of alles ok is, sommeer een jongen om de ambulance in de gaten te houden en moet daarna vertrekken, want onze pauze is afgelopen.
Ze hebben in ieder geval iets anders te vertellen als ze thuis komen dan 'het was warm'.