woensdag 30 januari 2019

Palmboom

In het zuiden wonen palmbomen. We hebben - of beter, hadden - een jonge palmboom in onze voortuin staan. De afgelopen decennia hebben dankzij de globalisering palmmotten uit Zuid-Amerika de grote oversteek naar Europa gemaakt. Palmmotten zijn dagmotten die uit dikke maden uitgroeien. Met dikke maden bedoelen we: de grootte van uw pink. Uw dikste pink.

Palmmotten hebben in Europa geen natuurlijke vijand. Er bestaat slechts één efficiënt middel: palmanem, oftewel Steinernema carpocapsae. Een rondworm die zich voedt met de larven van palmmotten en ander mottige beesten.

De voorbije jaren hebben die schattige Steinernema carpocapsae goed werk geleverd, maar dit jaar waren we er te laat bij. Gevolg: onze palm heeft het loodje gelegd.

Dus: palmboom verwijderen.

Wie denkt dat een dode palmboom zich zomaar laat afmaken heeft het verkeerd voor. Toen onze andere palm slachtoffer werd van de palmmot was ik drie dagen bezig om de stronk te verwijderen. Het binnenste van een palmstam bestaat niet uit hout, zoals een normale boom, maar uit honderdduizenden "draden". Die kun je niet met een kettingzaag doorzagen, de ketting raakt gewoon verstrikt in de draadjes. Daarom heb ik dit keer professionele hulp ingeroepen. 

De meneer en zijn zoon zijn deze morgen om 9 uur begonnen met het omhakken van de palmboom. Het was hun eerste keer en toen ik zei dat ze het grootste deel van de dag bezig zouden zijn werd ik vierkant uitgelachen. Ondertussen is het half drie en zijn ze de laatste restjes in hun camionette aan het scheppen.

Gelukkig heb ik op voorhand gezegd wat ze gingen krijgen en waren ze akkoord, want ze dachten dat het goed verdiend ging geweest zijn...

Ha!
De palm in betere dagen
De palm in slechtere dagen

Ze dachten hem met een koord aan de camionette uit te trekken. De palm dacht van niet.

Weg palm

Na al dat werk zou een mens dorst krijgen. Een Palmke zou er nu wel ingaan...


maandag 28 januari 2019

W&W gaan op reis. 7 weken, 5 landen.

Na 8 maanden onafgebroken werken (we nemen in de maanden van maart tot oktober gemiddeld 1 à 2 dagen vrij per maand, we moeten dan immers genoeg verdienen om 12 maanden rond te komen) en het eindverdict voor de brouwerij (waarover later meer) was het hoog tijd voor een uitgebreide uitstap. We beslisten om het er eens goed van te nemen, stelden een strict financieel plan op en ontdekten dat we zomaar eventjes 7 weken op reis konden met ons vooropgestelde reisbudget. Gesteld dat we een iets goedkopere reisbestemming zouden kiezen dan pakweg Parijs centrum of IJsland.

Sinds lang op de emmerlijst stonden Jordanië en Griekenland. Waarom niet beide doen, die liggen toch vlak bij elkaar, nietwaar. En als we dan toch op reis trokken, het zuiden van Spanje hebben we ook nog nooit gezien. En kijk, tussen Spanje en Griekenland ligt een puist van enkele kilometers groot: Malta. Naar het schijnt ook serieus de moeite. De planning nam een tijdje in beslag en kreeg toen definitief vorm:
We zouden naar België reizen voor familie- en vriendenbezoek -ook alweer bijna een jaar geleden- en van daaruit vertrekken naar
1. Spanje: Sevilla, Cadiz, Ronda, Pueblos blancos;
2. Malta en Gozo;
3. Griekenland: Athene, de Peloponnesos en Santorini;
4. Jordanië: Aqaba, Petra, Amman, Dode Zee en andere verkeersvrije omgevingen;
5. terug naar België voor de feestelijkheden.

Op 1 november vertrokken we naar België, op 27 december waren we terug thuis. Wat tussen die twee datums gebeurde gaan we nu eens in geuren en kleuren vertellen zie. In uitgesteld relais en op zeer onregelmatige tijdstippen, dat spreekt.

De champignons van Sevilla

L'urgent est fait, l'impossible est en cours, pour les miracles, prévoir un délai.

De zomervakantie is begonnen, 't is te zeggen officieel morgen, maar ge ziet dat de meeste mensen aan het uitbollen zijn. De scholieren ...